Warnercommunicatie

"Non nobis tantum nati"

Vorige week betoogde ik, dat beleid maken een kwestie is van kiezen. Kiezen tussen groeien of krimpen. Wat moet er groeien, wat kan er krimpen is de keuzevraag bij beleidsvorming. Omdat er meerdere mogelijkheden zijn, wordt de keuze lastig, niet waaruit moet worden gekozen. Het keuzetableau ligt bij nadere beschouwing al voor u. Er is namelijk vrijwel altijd sprake van een keuze tussen groei of vermindering van de verschillende bedrijfs- en organisatiemiddelen en die kent u. Het zijn wat de managementlitteratuur de kritische succesfactoren (KSF’s) noemt. Zie schema verderop. Ik breng beleid maken terug tot die essentie conform het principe van Ockam (het zg. scheermes van Ockam): vermijd complexiteit waar dit kan, de meest eenvoudige oplossing is vaak de juiste.

Hoe komt het dat ik een ogenschijnlijk ingewikkelde materie terug kan brengen naar die –soms op zich- lastige keuze? De reden is, dat achter dit proces een natuurwet schuil gaat of noem het een wetmatigheid. Het klinkt in het begin misschien wat gek, maar lees even mee.

Alles wat er in het heelal bestaat, bestaat in beginsel uit energie. Een natuurwet zegt, dat er geen energie bij komt of verdwijnt: dit is de wet van behoud van energie. De kosmische energiehoeveelheid is een constante. Althans voor zover we dit nu weten en daarmee moeten we vooralsnog doen. Met het getal 1 kunnen we die allesomvattende eenheid aangeven; de kosmos is één geheel. Daarbinnen zijn oneindig veel verdelingen, maar de som is 1. Alle veranderingen vallen daarbinnen. Er komt niets bij en er gaat niet af. Het heelal dijt wel uit. Overigens betekent dit op zich dat de onderlinge afstanden kunnen toenemen (groei) en de compactheid minder (krimp). Verder dat de temperatuur lager wordt, dichter naar het absolute nulpunt, gerekend vanaf de oerknal.We ziiten op dit moment zo'n 3 graden Celsius van dat absolute nulpunt af.

Er is een tweede behoudswet en dat is het behoud van momentum. Momentum is massa maal acceleratie. Hoe komt iets in beweging? Door er een kracht (F) op uit te oefenen. U mag het ook lezen als actie-reactie. momentum heeft altijd een richting in het ruimtetijdcontinuum.

Wat zien we nu? Als de zon licht en warmte uitstraalt, zet zij een deel van haar materie om een energie, die bijvoorbeeld onze aarde bereikt. De zon wordt dus kleiner en raakt materie/energie kwijt, de aarde krijgt er energie bij. Als we de huidige hoeveelheid zonmassa op 1 zetten en we tellen de zonmassa van morgen en de uitgezonden energie van één dag bij elkaar op dan komen we weer op 1 (hoeveelheid) energie uit. Stel de kosmos voor als een cirkel waarin we een middellijn trekken. Verschuift die lijn en wat aan de ene kant minder wordt (krimp) komt er aan de andere kant bij (groei). Dit principe geldt niet alleen voor de ruimtelijke verdeling, maar ook voor de verdeling van onderscheiden kosmische onderdelen. Elke handeling heeft ergens anders een (vaak tegengesteld) effect. Alsof alles werkt als communicerende vaten, alsof alles op een of andere manier in balans blijft, als een wipwap.Die wetmatigheid pas ik toe op beleid maken, waarbij ik het totale werkingsgebied van een organisatie beschouw als een eenheid.

Dit leidt tot de volgende aanpak:

1. Je bekijkt wat de gevolgen zijn op het terrein van elke kritische factor als je daar kiest voor groei of afname; 2.Je bekijkt vervolgens of die groei of afname zelf ergens weer enige groei of afname laat zien. 3. Dat doe je bij alle zes de organisatiefactoren, die bekend zijn; 4. Welke keuze de meest positieve groei laat zien als je alle plussen en minnen saldeert, is de meest preferente keuze, de beste aanpak. 5. Groei en krimp in één van de organisatiefactoren wordt altijd gevonden in één van de andere factoren.

Deze aanpak en afweging hoeft maar een dag te duren. Zelfs met inwinning van kennis van specialisten op die organisatiemiddelen. Iedereen overtuigen en meekrijgen, tja dat vergt helaas meer tijd.

Tot slot geldt, dat bij welke keuze ook, alles altijd onderhevig is aan een zeker risico en de impact van onvoorziene gebeurtenissen, omdat absolute zekerheid niet bestaat en absoluut overzicht ook niet. Maar dat geldt in het leven voor alle vormen van beslissen en dus doet dit vervelende gegeven ten principale niet ter zake. Het is onoverkomelijk. U heeft zelf nooit alles in de hand. Kiezen is dus ook risico durven nemen. Wie dat niet kan, staat per definitie stil en moet geen leider willen zijn.

Matrix van groei & krimp versus organisatiemiddelen (KSF’s)                                              

Kritische succesfactoren

ofwel organisatiemiddelen

Groei

Krimp

 

Mensen/personeel

 

 

Financiën

 

 

 

 

 

 

 Leiding/management

 

 

Productiemiddelen

(grondstoffen/fabrieken

Apparaten/machines

logistieke processen/energie

 

Marketing

 

 

 

 

 

 

Communicatie/Informatie

Meer personeel

Meer klanten/afnemers

Meer kwaliteit personeel

 

Geld lenen

Meer afzet

Onderdelen verkopen/afstoten

Aandelenuigifte

 

 

 

Meer en/of betere managers

 

 

 Meer of betere spullen

Hogere efficiency

Automatisering

 

 

Meer verkopers (personeel)

Meer acties/campagnes

Beter werkende acties (productiemiddelen)

Nieuwe doelgroepen (mensen)

 

Informatie-aanbod

Kwaliteit/zeggingskracht informatie

Meer overleg/dialoog

Minder personeel

Minder slechte klanten

Duur personeel ontslaan

Kosten besparen op :

Rentebetalingen (financiën)

Aantal managers (personeel

Inkoop spullen (prod.midd)

Minder reclame (marketing)

PR en voorlichting

Ontslaan/afvloeien

Minder dure managers

 

Minder energiegebruik

Afstoten/verkopen organisatieonderdelen

 

 

Lagere uitgaven op welke marketingmiddelen dan ook

(mensen, middelen, communicatie)

 

 

 

Meer regels/wetten en dwang (afname van overleg/dialoog)

Minder personeel

 

Ik geef een voorbeeld aan de hand van de onze nationale financiële balans. Uitgangspositie: de Nederlandse staatsschuld groeit. Tenzij men van mening is dat dit in het oneindige door kan gaan, moet er ergens een keuze worden gemaakt: meer schuld maken of schuld aflossen. De overheidsmiddelen ofwel de kritische succesfactoren waarmee men dit kan doen zijn: mensen/personeel, financiën, management, spullenboel/eigendommen, marketing en communicatie.

We beginnen met de factor financiën.

De schuld groeit omdat de overheid elk jaar meer uitgeeft (groei) dan er geld binnenkomt. De krimp zit in de mindere beschikbaarheid van geld, omdat de rente groeit en dus het voor aflossing beschikbare geld afneemt.

Optie 1: gewoon de schuld laten groeien. Dan komt er een moment dat de rente meer bedraagt (groei) dan wat de staat in totaal ontvangt en we dus onze rente niet meer kunnen betalen (krimp). Nederland is failliet.

Optie 2: de inkomsten doen groeien. Bijvoorbeeld door meer export, maar dat vergt meer productie, meer inkoop van spullen (grondstoffen), meer goed productiepersoneel. Daarvoor is meer geld nodig, maar dat is niet beschikbaar, dus moeten we meer lenen en wordt de schuld vooralsnog groter. Waar ligt nu de krimp? Als we meer produceren neemt de CO2-uitstoot toe en dus krimpt de ecologische vooruitgang. Hier ligt bijvoorbeeld al een keuze: meer produceren tegen een minder schoon milieu en meer opwarming van de aarde. Die keuze is zeer eenvoudig: of het één of het ander? Wie nu redeneert, dat die verslechtering de weerstand bij de bevolking en dus het verzet tegen de regering doet stijgen, staat weer voor een eenvoudige keuze: dwingen we het af of laten we ons wegsturen (krimp van de bestaande regering). Afdwingen is groei van macht en krimp van vrijheid. Kies maar.

De factor mensen.

Nederland kan zijn uitgaven terugbrengen (krimp) als we niet 17 miljoen mensen hebben die wat van de overheid willen (scholing, zorg, aow, bijstand enz.). Dus krimp van het aantal bewoners. Dan moet wel de inkomstenbron op peil blijven, dus met minder mensen hetzelfde produceren en exporteren, dus langer werken (groei) of half zo welvaartsvol (krimp) gaan leven.

Neem de factor mensen maar nu als overheidspersoneel.

Minder kosten door minder ambtenaren, minder geldverslindende regels, minder dure, eenvoudige, met minder personeel uit te voeren processen (personele, bureaucratische efficiency). Wat loopt er dan op? Bijvoorbeeld de vrijheid bij burgers, omdat er minder toezicht is. Als meer mensen dan die vrijheid benutten om criminele zaken uit te voeren, dan groeit de chaos, de onvrede, het gevoel van onveiligheid. Ook hier ligt dan weer een duidelijke keuze c.q. afweging. Ook het aantal werklozen loopt natuurlijk op en de uitgaven die daar bij horen.

Neem de factor spullen/eigendommen.

Nederland kan in één keer al het aardgas verkopen. De inkomsten nemen dan toe. Het bedrag komt overeen met de staatsschuld, dus die kan worden afgelost en daarmee gaat ook de rentelast op staatsschuld omlaag. Is een optie dus. Het verweer is doorgaans: maar dan verkopen we in een keer als ons tafelzilver (groei) en dan hebben we minder eigendom (krimp). Klopt, maar je bent dan ook van die staatsschuld en eeuwige rentebetalingen af. De keuze is duidelijk.

Neem de factor management.

De regering van Nederland ziet zichzelf niet in goede keuzes groeien of in besluitvaardigheid. Dan moet het zijn plaats inruimen (krimpen), waardoor de ruimte groeit om anderen aan het hoofd te stellen. De optie is duidelijk: kunnen wij de beoogde resultaten behalen als regering of niet? Op zich wil de huidige regering dat de schuld op termijn afneemt. helaas is dit in de afgelopen 50 jaar nog geen regering gelukt. Dit ruikt naar groei als noodzaak en groei als verslaving.

Neem de factor marketing.

We kunnen onze producten tegen hogere waarde aan de man brengen en daarmee de inkomsten verhogen. Dan neemt de koopbereidheid van andere landen af (krimp), tenzij de kwaliteit van ons aanbod zo ver toeneemt (groei), dat men graag de hogere prijs betaalt. Waarin de kwaliteit van producten is gelegen weten we, dus moeten op die factoren van het product groeien. Ingewikkelder ligt het niet. Dat die kwaliteitsstap niet gemakkelijk is, doet niets af aan het feit, dat de keuzemomenten eenvoudig te beredeneren zijn. Zie je geen mogelijkheden om de kwaliteit te verbeteren, dan vervalt deze optie eenvoudigweg.

We kunnen ook proberen meer te exporteren door de prijs juist omlaag te brengen (krimp) door twee keer zolang of zo snel te gaan werken (groei) voor hetzelfde salaris. Als we de Nederlandse bevolking hiertoe niet bereid vinden (communicatie), dan vervalt dus deze optie. Je moet dus bij die keuze de acceptatie bij de burgers omhoog brengen (groei) en de weerstand verminderen (krimp). Ofte wel een fikse gedragsverandering bewerkstelligen. Dat kan o.a. door informatie/communicatie. En dan geldt weer wat moet er in dat communicatieproces groeien of krimpen. De middelen kent u al, waarop u dit moet toepassen.

 Pas die ''groei-krimp wet'' maar eens toe op eigen vraagstukken en u zult zien hoe snel het inzicht in de te nemen actie en de te maken keuzes groeit.

Want de natuurlijke wetmatigheid leert, dat hoe je de 1 (eenheid) ook verdeelt, de som der delen is altijd weer 1.

Het betekent bijvoorbeeld ook dat de beroemde zogenaamde toegevoegde waarde hoe dan ook ergens anders een waardevermindering teweeg brengt. BTW doet immers uw inkomsten krimpen.

We kunnen deze manier van afwegen ook toepassen op die veel voorkomende opgave waar communicatoren vaak voor staan, nl gedragsverandering. Ik kom hier volgende week op terug.

Interessante artikelen

Anthropocentrisme hoeft ons niet te verwonderen. Veel van de jongste eigenschappen en bevindingen in de natuur bestaan pas met de komst van de mens. We nemen onszelf als uitgangspunt en maatstaf. Het


Alles verkeert in zijn tegendeel is mijn theorie betreffende een wetmatigheid. De natuur kent actie-reactie. Zet iets onder spanning en er volgt tegendruk. Blijven beide krachten in balans, dan ontsta


De Shashoggi -affaire houdt ons al geruime tijd bezig. De verdwijning va de Arabische journalist werd dood, werd moord plus verdwijning.. Werd de impact van en de redactie op deze gebeurtenis zo onder