Warnercommunicatie

"Non nobis tantum nati"

Wat hebben Rusland, Saoedi-Arabië, Nigeria en Koeweit gemeen? Zij huren Amerikaanse pr-bureaus in. Ik zal kort aangeven wat mij hieraan bevreemdt. Eerst moet ik journalist Camil Driessen recht doen. In NRC-Handelsblad van 5 augustus jl. schreef hij onder het rubriekskopje ‘Imago’ en onder de kop ‘Voor elk regime een ‘communicatiestrategie’ van het pr-bureau’ een artikel met die inhoud.

Het bureau Ketchum zou tussen 2006 tot 2012 23 miljoen dollar hebben verdiend met pr voor Rusland en 17 miljoen met pr voor Gazprom. Het grootste pr-bureau ter wereld Edelman werkt voor Saoedi Arabië. Levick is ingehuurd voor 1,2 miljoen door de Nigeriaanse president Goodluck Jonathan en Hill+Knowlton werd voor 11 miljoen ingehuurd door Koeweit. Tot zover Driessen.

Wat allereerst opvalt, is dat het in alle vier gevallen Amerikaanse pr-bureaus zijn. Nu kan het natuurlijk een selectie op dit punt betreffen en zo zijn dat andere landen of regeringen ook andere bureaus inhuren, maar dat Russen, Saoedi’s en Koeweiti’s uitgerekend Amerikaanse bureaus kiezen doet mij verbazen. Zo bevriend zijn deze landen toch niet met Amerika? Is het dan toch zo  dat deze grootmachten uit de communicatiewereld het beste zijn in public relations? Of zijn ze vooral gekozen, omdat zij de Amerikaanse politieke markt en het publiek goed kennen en gaat het de opdrachtgevers er eerst en vooral om in een goede blaadje bij de Amerikanen te komen staan.

Als dit laatste juist zou zijn en daar heeft het gezien de acties die deze bureaus bedachten en tot wie zij zich richtten alle schijn van, dan is één van de conclusies, dat reguliere regeringscontacten dus niet leiden tot een voldoende goed imago of een voldoende objectieve c.q. positieve media berichtgeving. Politici en publiek dienden extra te worden bewerkt.

Interessante vakvragen doemen dan op. Berichten de Amerikaanse media dan (te veel) eenzijdig? Aanvullende informatie lijkt dan terecht, maar als bijvoorbeeld Gazprom geen recht wordt gedaan met berichtgeving, lijkt mij een persbericht of een interview-aanbod toch voldoende om enig weerwoord te geven. Of een gesprek met de vertegenwoordiger van Amerikaanse topbladen en tv-zendgemachtigden in Moskou, want die hebben die media daar allemaal, moet toch enige correctie of aanvulling kunnen bewerkstelligen.

Ik had ooit een diepgaand gesprek met de Russen hierover in Sotsji op hun verzoek, toen ik nog voor Gasunie werkte. Ik beschrijf dit in mijn boek dat deze week uitkomt: Communicatie, wat een vak!

Als deze voor de hand liggende aanpak niet werkt, moeten die pr-bureaus dus bijzondere tactieken of trucs uithalen om wel een betere berichtgeving of image te verkrijgen. Hoe dan? Driessen geeft een voorbeeld. Hill+Knowlton zorgde voor de roemruchte getuigenis van een huilend meisje voor het Amerikaanse Congres, waarbij zij vertelde over Iraakse millitairen die baby’s uit couveuses op de grond gooiden. Dit meisje bleek later de dochter van de ambassadeur te zijn. (oef, door de mand gevallen).

Als dit voor een beter imago moet zorgen, vrees ik dat de Amerikaanse bureaus niet weten wat imago voorstelt en hoe het werkt.

Wordt pr hier weer teruggebracht naar het fondant van positieve voorstellingen in plaats van een dialoog met inhoudelijke feiten en controleerbaar gedrag? Of valt men weer terug op beeldvorming via ongenuanceerd positieve publiciteit? Onder het mom van ‘een goede pers representeert een goed innerlijk.’ De smile als weergave van de ziel. Het is juist hierin, waar de Europese en zeker de Nederlandse pr-opvatting verschilt van de Amerikaanse, omdat wij veel normatiever naar boodschap en waarachtigheid kijken. Het is het aloude verschil. Hier beseffen wij dat aanzien en vertrouwen de resultaten van onversaagde kwaliteitsinspanningen en voortdurende eerlijkheid zijn, lange termijn moeite dus, en dat met een positief imago te allen tijde een langdurig proces is gemoeid. Anders gezegd de opdrachtgevers in bovengenoemde voorbeelden betalen forse prijzen voor vernis.

Interessante artikelen

- Wat een vrolijk en kleurrijk schilderij! Wat stelt het voor?
- Het zijn zonnebloemen, geschilderd door Van Gogh.
- Duidelijk. Welke waarde geven jullie aan zo'n schilderij?
- Dat hangt ervan af, maar o


Nog een kort commentaar op de voetbalmania. Robben maakte een schwalbe. Hij gaf het zelf nota bene toe. Ik vind dit onsportief gedrag van de hoogste orde. Ben ik tegen voetballen? Geenszins, het was o


Druk, druk, druk. Opzij, opzij, opzij, we hebben zo’n verschrikkelijke haast? Stress, burn out en dat knagende gevoel, dat we alsmaar tijd tekort hebben en aan sommige zaken niet of onvoldoende toekom