Warnercommunicatie

"Non nobis tantum nati"

In communicatiekringen wordt hoog opgegeven van het belang van een positief imago en een vlekkeloze reputatie. Dit duo moet leiden tot de moeder aller menselijke verbindingen, zijnde vertrouwen. Met verontrustende en tegelijk realistische regelmaat nemen we kennis van grote organisaties, die in het volle daglicht staan en die niet terugdeinzen voor gedrag dat onaanvaardbaar is en het wantrouwen voedt. Hun reputatie, zo heet het, leidt hieronder. Soms met een beschadiging van een hele sector als gevolg.

Hoeveel organisaties gaan hieraan ten onder? Als dit nog niet bestaat, zou een onderzoek naar de schade vanwege laakbaar of illegaal en strafbaar gedrag kunnen uitwijzen in hoeverre reputatieverlies als een risico wordt beschouwd, dat te allen tijde moet worden voorkomen. Zou dit laatste de uitkomst zijn, dan stijgt de functiewaarde van communicatiefunctionarissen aanzienlijk, vooropgesteld dat men van mening is dat zij de kennis en competentie hebben om dat alles funderende gedrag dat de continuïteit van de organisatie waarborgt tot gelding te brengen.

Ik leg het accent op reputatieschade, omdat het imago het resultaat is van herhaaldelijk door derden als goed beoordeeld gedrag. Het gaat om RE-putatie, RE-imago kennen we niet. Die schade heeft twee hoedanigheden: blijvende of herstelbare. Blijvend verlies van reputatie leidt tot de ondergang van een organisatie. Is er sprake van herstel, dan blijft er of een meer bescheiden organisatie over of zij komt er weer helemaal bovenop. De maatschappij is zelden voor altijd vindicatief en het collectief geheugen kan niet alles onthouden. Het onderzoek zou onder andere ook kunnen uitwijzen hoe vaak de schade onherstelbaar is en dus hoeveel organisaties door wangedrag van het toneel verdwijnen. En waardoor in het ene geval de ondergang het einde is en men in het andere het vege lijf weet te redden. De getalsverhoudingen geven wellicht inzicht in de mate van risico en wat minstens zo interessant is de reden(en) waarom organisaties het risico nemen.

Mijn persoonlijke ervaring is, dat overleving en herstel na geconstateerd wangedrag vaker voorkomen dan teloorgang. Komt dit omdat de maatschappij onder haar burgers velen telt, die weten dat het vlees zwak is, die zichzelf ook niet vlekkeloos vinden of die wangedrag een onuitroeibaar verschijnsel vinden als gegeven in de historische realiteit. Uiteraard zijn er nog meer veronderstellingen toe maken.

De FIFA ligt nu onder vuur. Uit de actie en de uitspraken van de FBI blijkt dat men een stevige zaak in handen heeft, mede omdat de aanpak van kopstukken uit het FIFA-bestuur, gebaseerd is op aanwijzingen en informatie van een voormalige overtreder van de regels en wetten zelf. De FBI liet weten dat dit nog slechts het begin is. Een lang, beschadigend traject strekt zich uit. Direct aanhakend op het bovenstaande gaat de FIFA uit van herstelbare imagoschade. De conferentie alsmede verkiezing van een nieuwe voorzitter gaat, daarop lijkt het, gewoon door. De eerst verantwoordelijke, voorzitter Blatter, acht zijn herverkiezing niet in gevaar en wast zijn handen vooralsnog in onschuld. De media wijzen erop, dat het niet om een eenmalig incident gaat, maar zaken en handelingen betreft die zich uitstrekken over lengte van jaren. De FIFA staat met enorme inkomsten, als mondiale ledenvereniging van bonden en met grote internationale kampioenschappen tot aan het wereldkampioenschap toe, op een hoog en aan alle kanten open podium, heftig beschenen door de media. Twee oorzaken om reputatieschade in dit actuele voorbeeld niet het hoogste goed te achten komen naar voren: geld en machtige bestuursposities en daarmee persoonlijk gewin, roem en aanzien. In hoeverre gelden deze componenten ook in andere gevallen bij organisaties die een scheve schaats rijden? Geld staat als doel hoger genoteerd dan imago en reputatie en impliciet de ethische kwaliteit. Giraal wint van moraal. Het zet communicatiefunctionarissen tevens in de positie van imagoherstellers, niet van reputatiemakers. Heeft communicatie een antwoord op de vraag wat er nodig is voor schadepreventie? Met gele en rode kaarten komen we er niet.

 

Ps.

1) Politiek en sport zouden, zo luidt de wens,  gescheiden moeten blijven. Onzin natuurlijk. De prestaties van helden in de sport kunnen nooit los worden gezien van nationale trots en aspecten van nationalisme en dat laatste is altijd een politiek element. Wat de FIFA zaak betreft: Putin heeft inmiddels laten weten dat hij Amerika ervan verdenkt uitgerekend nu deze arrestatiestap te zetten om uiteindelijk de WK in Rusland van 2018 te dwarsbomen. Hiermee heeft de Russische president sport per definitie tot een politiek onderwerp verklaart. Morgen zal verder blijken of er een scheiding duidelijk wordt tussen het oosten & zuiden en het westen. lees tussen de andere bonden en de federatie UEFA. En in hoeverre zal die scheiding symbolisch staan voor een afwijzing van Amerika en zijn bondgenoten oftewel de westerse alliantie? Blatter is geslepen genoeg en omringd door ingeveorde adviseurs om deze uitkomst in te schatten. Hij heeft Rusland al mee.

2. Blatter heeft in zijn openingsspeech zijn verantwoordelijkheid afgewezen. Zijn argumentatie ging niet verder dan: ik kan niet iedereen of alles in de gaten houden. Klopt, maar je dient een structuur en inrichting van je organisatie te hebben waarbij toezicht is verweven in de werkwijze. En zeker als je er als voorzitter al decennia leiding aan geeft. Ik kende zijn speech niet toen ik bovenstaand stuk schreef. Wat zegt Blatter: we hebben het vertrouwen verloren en moeten dit herwinnen. Dat is de meest afgezaagde en nietszeggende opmerking die je maar kunt maken. In elke wedstrijd zien we hoe spelers proberen het gezag te ontlopen en de regels te overtreden en achter de rug van de arbiter voordeel te halen uit overtredingen. De handsbal van Maradonna, waarmee het werldkampioenschap van Argentinië voor eeuwig en altijd is bezoedeld is nooit bestraft of in effect teruggedraaid. Ooit een keeper gezien die naar de scheidsrechter liep en zei: "Sorry scheids, maar de bal heeft wel de lijn gepasseerd? Over imago en reputatie geen woord. Op zich juist, vertrouwen is van een hogere categorie, zoals ik betoog. Niet de dialoog wint, maar de transfers, geldtransfers wel te verstaan. De taal van geld is universeel

 

Interessante artikelen