Warnercommunicatie

"Non nobis tantum nati"

Wie zijn er medeschuldig aan de misdaad van Breivik? Het antwoord op die vraag betreft oorzakelijke verbanden. Zoals de invloed van derden. In strategische communicatie valt dit binnen de analysefase en de onderzoeksmethode van het causale veldmodel. Wat leert de Noorse tragedie ons?

Elk woord gewijd aan de moordpartij van de Noor Breivik moet worden gewogen op een goudschaal. Voordat je het weet, ontleent iemand aan een zinsnede of zelfs maar een enkel woord argumenten pro of contra. Het geheel van de gebeurtenis, die bestaat uit twee wandaden, zijnde de bomaanslag in Oslo en de schietpartij op het eilandje Utoya, moet bij voorkeur objectief worden beschouwd. Dit betekent in feite, dat de waarnemer/beoordelaar buiten de gebeurtenis moet staan. De facto is dit onmogelijk, zo zal ik later beargumenteren. In de directe praktijk begeeft iedereen, journalist, columnist, commentaar leverende politici en ja zelfs de meediscussiërende burger, zich in de communicatieve mêlee. Het streven wordt dus ‘zo objectief mogelijk’. Met deze bijdrage ben ikzelf al niet meer objectief, maar onderdeel van het wolkendek van de discussie.

In mijn colleges strategische communicatie behandel ik het onderwerp van de causaliteiten. Wanneer mag iets worden gerekend tot een causaal verband? Het antwoord op die vraag is in het proces van de strategische communicatie in tenminste twee fases van belang. De eerste fase is die van de analyse. Bij een grondige voorbereiding van een plan van aanpak horen de verkenning,  beoordeling en weging van de externe situatie of buitenwereld. In het SWOT-model vinden we dit analysedeel terug in de O van opportunies en de T van threats. In de DESTEP-methode handelt het om de maatschappelijke domeinen waar de letters in dit acroniem voor staan. In het meest vergaande model, het causale veldmodel, worden de betrekkingen onderzocht tussen alle externe actoren en factoren, die in een gegeven situatie van betekenis en invloed kunnen zijn op het verloop van het plan van aanpak en hieraan voorafgaand aan de strategiekeuze en definitieve doelstelling. Het causale veldmodel herbergt een gevaar. In een complexe situatie kunnen zoveel actoren en factoren een rol spelen met zoveel onderlinge verbanden dat je niet uitgeanalyseerd raakt. In de Amerikaanse vaklitteratuur heet dit: paralysis by analysis.

De tweede fase, waarin het feit van causale verbanden van belang is, betreft de uitvoeringsfase. Als er bij de executie van een plan haperingen of verstoringen optreden, waren die dan menselijkerwijze te voorzien of moeten ze als onverwacht en onvoorspelbaar worden beschouwd. De uitkomst velt een oordeel over de verantwoordelijkheid en de kwaliteit van de leider of strateeg voor deze planverstoring, alsmede over de volledigheid van de procesaanpak.

We onderkennen en hanteren twee categorieën van causaliteiten: handelingscausaliteiten en gebeurteniscausaliteiten. De eerstgenoemde categorie omvat die oorzaak-gevolg relaties, waarbij het aantoonbaar een handelende persoon kan worden aangerekend, dat een bepaald gevolg optreedt. Daarbij zijn er directe gevolgen en indirecte, maar wel voorzienbare gevolgen. Als u met een schaar een stroomkabel die onder spanning staat doorknipt en kortsluiting veroorzaakt, is dit een directe handelingscausaliteit. Vooropgesteld dat u de knipdaad bewust verricht en niet slaapwandelend.  Als u touw aan het knippen bent en daarbij slordig te werk gaat en per ongeluk, dus niet bedoeld, een in de buurt liggende  stroomkabel doorknipt, is er sprake van een indirecte handelingscausaliteit. U wilde dit niet, maar het is een gevolg van uw slordigheid en het was te voorzien dat dit kon gebeuren. Net zo goed als je water en elektriciteit moet scheiden. Het zal duidelijk zijn, dat dergelijke afwegingen, wel of niet verwijtbaar aansprakelijk,  een grote rol spelen in bijvoorbeeld rechtszaken, verzekeringskwesties en rampen.

Gebeurteniscausaliteiten zijn die oorzaak-gevolg relaties, waarbij het een persoon niet kan worden aangerekend, dat hij of zij een handelings- of beoordelingsfout heeft gemaakt. Als bij u thuis de bliksem inslaat, is dit een gebeurteniscausaliteit. Als u tijdens een onweer uw auto parkeert in een laan met bomen en de bliksem slaat in de boom waaronder uw auto  staat, waardoor een afbrekende tak uw auto beschadigt, wordt dit gezien als een gebeurteniscausaliteit. Ook al weet u dat het onweerde en bliksems takken kunnen doen afbreken. Maar de grens tussen de ene en de andere categorie wordt hier al moeilijk. Want we zijn allemaal opgevoed om toch maar niet op een kaal stuk terrein onder die ene boom te gaan staan als het bliksemt. U ziet die bewustheid en daarmee ook verantwoordelijkheid al terug bij het staken van sportwedstrijden buiten tijdens een overtrekkend onweer.

Waar speelt de bovenstaande beschouwing over de causaliteitskwestie nu een rol in de Breivik-affaire? En dan met name communicatief. Ik beperk mij tot een actueel aspect in Nederland. Breivik heeft aangegeven o.a. met zijn wandaad een discussie te willen –ik mag in dit verband wel zeggen- ontketenen. Die is dan ook losgebrand. Een heel duidelijk onderwerp in die discussie in ons land is de relatie tussen Breiviks gedachtegoed en het feit, dat hij op zijn website en anderszins verwijst naar uitspraken en meningen van Wilders. In de media worden die verbanden heel duidelijk gelegd. De omstreden politicus zou zich moeten verantwoorden over zijn opvattingen en de invloed hiervan op derden.  In een radiogesprek noemde één van de discussianten Wilders niet juridisch verantwoordelijk, maar wel intellectueel verantwoordelijk. Zijn uitspraken zouden brandstof zijn voor Breiviks anti-islam houding.  In een landelijke krant noemde iemand anders Wilders moreel verantwoordelijk. Anderen kunnen aan diens opstelling en uitspraken argumenten of motieven ontlenen voor hun meningsvorming. Het is duidelijk, dat in het leggen van dergelijke verbanden de handelingscausaliteit aan de orde wordt gesteld. Maar als een indirect –want niet bewust of bedoeld door Wilders, die Breiviks daad in duidelijke bewoordingen afkeurt- verband wordt gelegd tussen uitspraken van Wilders en de daden van Breivik, geldt dit evenzeer voor de uitspraken van andere politici en de daden van de Noor. De haat tegen de islamisering bij Breivik of zoals het ook wel wordt aangeduid, de angst voor het verlies van de eigen cultuur,  is ook gevoed door uitspraken, dat er geen gevaar schuilt in een multiculturele samenleving, dat Noorwegen en Europa moeten openstaan voor  andere culturen en hun dragers en dat zij die deze openheid te ver vinden gaan er een verwerpelijke mening of maatschappijvisie op na houden. Breiviks website toont, dat hij ook die meningen en uitspraken van –in zijn ogen- tegenstanders verdisconteert in zijn gedachtegoed. Hij ontleent steun of motieven aan beide kampen. Logischerwijze zijn dan beide kampen en hun vertegenwoordigers causaal betrokken en verantwoordelijk. De één voedt zijn haat, de ander voedt zijn angst. Het is in deze benadering een opmerkelijk feit, dat Breivik  zich met geweld keerde tegen de in zijn opvatting veel te tolerante partijen en personen en niet tegen moslims. Is dit nu een uiting van zijn haat of van zijn angst?

Er zijn vele andere actoren en factoren die het complexe causale veldmodel van Breivik bevolken. Hij haalt niet een paar derden naar voren als geestverwanten of partiële aandragers,  maar enige tientallen. En evenzovelen wier visie of opstelling hij verfoeilijk acht. Breivik en zijn daden tot directe of  indirecte handelingscausaliteit van derden verklaren, is de hele halve wereld als schuldig en medeplichtig bestempelen. Wie doorgraaft, vindt oneindig veel grotere en kleinere verbanden. Maakt dit al die zaken en personen mede-verantwoordelijk, moreel, intellectueel of communicatief?  Naar een behoorlijke groep wetenschappers actueel van mening is op basis van kwantumfysische inzichten en experimenten, geldt dat elke atoom in het heelal verbonden is aan elke andere en dat elke gebeurtenis een oorzaak vindt in een andere. Conform die opvatting bestaan er de facto geen gebeurteniscausaliteiten. Alles heeft in iets anders een oorzaak.

Daar doen we in de alledaagse, menselijke en sociale praktijk niet zo veel mee. Verantwoordelijkheidstoewijzing veronderstelt een afspraak over de mate van verantwoordelijkheid, maar deze kan zelden of nooit bij één verband worden gelegd. Breiviks optreden kan binnen die menselijke afbakening ook worden beschouwd als gebeurteniscausaliteit. Soms slaan mensen door en gaan ze alle perken van wat als nog aanvaardbaar gedrag wordt beschouwd te buiten. Door alle tijden heen komen we dergelijke persoonlijkheden tegen, in de hoedanigheid van lone wolves of in het groepsverband van gelijkgestemde fanatici. Helaas, mensdolheid bestaat. Als gebeurtenis is het te voorzien, maar niet altijd waar, wanneer en door wie en daarmee niet altijd te voorkomen.

Op deze kennissite staan twee, andere artikelen, waarin aspecten spelen die aan deze affaire raken. In Betalfa 2, waarin ik aangeef dat een systeem dat vitaal wil zijn en blijven open moet staan voor invloeden van buitenaf, maar met mate. En voor die maat is geen concreet getal. Breivik vindt dat dit grensverkeer (culturele invloeden en versmeltingen) te ver gaat.  In deel 2 van de serie over de invloed van Internet komt naar voren, dat diverse experts als één van de gevaren van internet wijzen op de funeste mogelijkheid, dat mensen de beschikbare informatie vooral afstruinen om bevestiging te vinden van hun eigen gedachten en opvattingen, waarmee zij zich afsluiten voor nuances en gevarieerde discussie en zich begeven in de tunnel van het eigen gelijk. Een verschijnsel dat we in het communicatievak ook onderkennen. Professor Martin Rees, Royal astronomer, noemt dit in zijn boek ‘Onze laatste eeuw’ (Spectrum, 2003), internetisolationisme, welk fenomeen hij zeer verontrustend vindt. De laatste zin in de betreffende paragraaf ( pag.  67) luidt: “Maar de recente gebeurtenissen in de Verenigde Staten leren ons ook dat het interne probleem van nihilistische of apocalyptische sekten en gefrustreerde individuen zich maar moeilijk laat beheersen.” We kunnen inmiddels meer landen noemen met ervaringen gelijkend op de VS-gebeurtenissen waaraan Rees refereert. Ook Nederland. Neem de beweegredenen van de dader van de schietpartij in Alphen a/d Rijn.

Wat de les voor communicatoren is, is dat uitspraken en meningen, mits geuit, altijd tot een causaal verband kunnen worden herleid, maar dat er tegelijk zeer zorgvuldig moeten worden gehandeld en geuit als het gaat om de mate van verantwoordelijkheidstoewijzing.

Ik heb een mening over het bovenstaande die verder gaat en gedetailleerder is dan hier beschreven. Maar in dit stuk vind ik niets, meen ik niets, denk ik niets, geloof ik niets. Zoveel mogelijk objectief, dat is de poging. Gezien de delicate kwestie.

Interessante artikelen

Menigmaal kunnen we lezen in onze vakschriften of in de aankondigingen van workshops en aanverwante eendaagse cursussen, dat communicatie toe is aan meer creativiteit. Niet altijd wordt duidelijk gema


Europese burgers moeten het recht krijgen om op Internet vergeten te worden. Dit kwam deze week naar voren in Brussel. Privacy staat haaks op de eeuwige openbaarheid van het permanente Internet-archie


 

De jongedame die p[riep Baudet dood te schieten in de Amsterdamse optocht heeft spijt betuigd. Maar zo makkelijk komt zij er nuiet van af. Haar oproep ging viraal wereldwijd en bracht ons land een