Warnercommunicatie

"Non nobis tantum nati"

Vaak heb ik kritiek. Deze is altijd bedoeld als leerzaam en constructief. Je kunt immers niet van een veilig huis spreken, als je de scheuren niet wenst te zien. In Groningen weet men inmiddels alles van. In dit geval neem ik het op voor minster Asscher. Hij wordt fel geattaqueerd in de Tweede Kamer. De VVD voorop.

Asscher zou niet leveren. Zijn dure plannen leiden niet tot meer banen. Dit kan ook haast niet. Zijn mogelijkheden zijn zeer beperkt. De regering kan banen behouden door ze in situaties te subsidiëren waar deze zonder geldelijke hulp verloren zouden gaan. Uit de gasopbrengsten komt dit geld niet meer, dus komt het uit de belastingen en daarmee deels uit de portemonnee van de burgers. Dit is uitvalsbestrijding.

Banen scheppen kan een regering maar op twee manieren.

De meest aanvaardbare wijze is de start van projecten die voorzien in een behoefte of wegwerken van een achterstand. Zoals de bouw van meer sociale woningen. Voor Nederlanders die hier al lang op wachten of voor asielzoekers die anders tot St Juttemis in opvangcentra zouden moeten verblijven. De tweede vorm is het aanstellen van meer ambtenaren. De overheid stelt zich dan op als een bedrijf, dat zijn personeelsbestand uitbreidt. Dit zou kunnen bij diensten die nu zuchten onder te weinig medewerkers, zoals de politie, de rechterlijke macht of het leger. Pijnlijk punt is, dat ons land nu net die diensten liet inkrimpen omdat we een kleinere overheid willen of daar de bezuinigingen lieten neerdalen. Het weghalen van geld bij andere overheidsorganisaties zet geen zoden aan de dijk. Als we de zorg, het onderwijs of de bijstand minder geld geven dan vervallen hier (ook nu al) weer banen en is het lood om oud ijzer.

Banen scheppen is een kwestie van werk stimuleren in de bedrijvensector of de particuliere markt. Dat kan door de kosten aldaar te verlagen, zodat werkgevers geneigd zijn meer mensen aan te nemen. Dit is echter verbonden aan het ontstaan van extra werk en vergt dus onder andere groei van de binnenlandse vraag of groei in de export, omdat Nederland vooral ook veel werk vindt in verkoop van producten aan het buitenland. Het eerste vereist meer consumptie en dat is doorgaans milieubelastend. Exportgroei betekent hoe dan ook concurrentie en de vraag is derhalve op welke terreinen. Concurrentie slaagt door lagere loon- of productiekosten. Lagere loonkosten komen dankzij de aanstelling van jongeren, waardoor de ouderen in de bijstand (vanaf 45 jaar al tegenwoordig) hun kansen op de arbeidsmarkt zien minderen. Boven de 55 komt al bijna niemand meer aan de slag. Lagere loonkosten zijn ook haalbaar door het in dienst nemen van goedkopere arbeidskrachten uit bijvoorbeeld Oost-Europa of vluchtelingen, die met graagte werk zoeken en met minder loon genoegen nemen. Of de vakbonden dit accepteren dan wel de solidariteit dit verbiedt, is vers twee, maar conflicten krijgen we. Bovendien stoot het Nederlanders naar de ww of bijstand.

Het hele ZZP-erdom is al een gevolg van de uitstoot van vaste krachten of de flexibilisering van arbeid door tijdelijke contracten. Minister Asscher kan vrijwel geen nieuwe banen scheppen. Dat moet de markt doen. Wat dan?

 

Wat de Tweede Kamer weigert in te zien is m.i. het volgende.

  1. Door de opkomst van landen die vroeger een mindere economie kenden (China, India, Brazilië), welke opkomst wij in algemene zin rechtvaardig achten, neemt de buitenlandse concurrentie toe. Mondialisering levert in beginsel niet meer werk op voor Nederland. Er is juist sprake van een herverdeling wereldwijd.
  2. De welvaartsstaat die Nederland nu nog net is en die we terugzien in goed betaalde, vaste banen, een redelijke bijstand en vergeleken bij dat buitenland een riant pensioenstelsel staat onder druk;
  3. Om Nederland goed te laten draaien hebben we geen 17 miljoen mensen nodig, van wie er tien miljoen een werk-leeftijd hebben tot 68 jaar.
  4. De automatisering en robotisering als resultaten van een hoogwaardige technologie doen de vraag naar menselijke arbeid verder dalen. Aan deze wereldwijde ontwikkeling niet meedoen is geen optie.
  5. Banen voor hoger opgeleiden klinkt hoopgevend, maar wees eerlijk hoeveel accountants, juristen, psychologen, historici, voorlichters, sportmanagers, marketeers en modeontwerpers heeft Nederland nou helemaal nodig.
  6. Veel banen spruiten voort uit die internationaal gezien hoge welvaart, maar als die welvaart stabiliseert op een lager niveau vervallen heel wat werkzaamheden die voor een redelijk bestaan niet behoren tot de primaire behoeftes.
  7. Het grootste karwei en daarmee het meeste werk liggen in de beheersing van het klimaat c.q. de terugdringing van de opwarming van de aarde. De wereldklimaatconferentie is hiermee cruciaal voor een vraag naar arbeid en naar producten die minder energievretend zijn. Met de hoge welvaart in slechts een deel van de wereld hebben we ons het vooruitzicht geschapen op veel werk in het sociaal-maatschappelijke vlak en meer nog in de energieomslag en klimaatbeheersing. Er zal een tijd komen dat we terugziende op nu zullen constateren dat de CO2-gevolgen ons een langdurig nieuw werkterrein verschaften. CO wegens CO2. CO staat voor Coöperatie Overal.

Het is opmerkelijk, dat we, nadat we de aarde eerst behoorlijk hebben uitgeput en vervuild met onze welvaartsbehoefte, nu door diezelfde natuur, aarde en directe omgeving de zaken krijgen aangereikt die ons niet alleen welzijn brengen maar tevens werk. Dit zijn zon, water, wind en aardwarmte. Basisvoorwaarden voor leven die er altijd al waren, maar die we op de schaal van zoveel behoefte aan energie (E) nog niet machtig waren. Zo beschouwd was die technologische vooruitgang met zijn thans nog grootschalige nadelige gevolgen nodig om hoogwaardig en nuttig werk te verschaffen aan iedereen op persoonlijk en maatschappelijk vlak. Die basisvoorwaarden leveren energie die samen met de lichamelijke energie van onszelf het leven draagbaar en mogelijk houden. De formule van optimisme luidt dan: CO² = E + E

Interessante artikelen

Het gerucht               

(een politiek sprookje)

 

Er was er eens een groot land met een almachtige tsaar.

Het volk beminde hem zeer, maar wist dat daar

In het paleiscomplex ook anderen die ma


De media melden dat wetenschappers van de Universiteit van Cambridge en de Erasmus universiteit hebben berekend dat de opwarming van de pool de samenleving 60 triljoen euro kan gaan kosten (ofwel 60.0