Warnercommunicatie

"Non nobis tantum nati"

Als alle partijen op de Partij voor de Ouderen na samenwerking met de PVV uitsluiten krijgen we een moeizame politieke situatie. Een partij die verder gewoon deel uit kan maken van het parlement en mogelijk 30 of meer zetels kan bezetten op basis van het aantal stemmen wordt buitengesloten van regeringsdeelname.

Dat kan natuurlijk. 30 Zetels vertegenwoordigt slechts 20 procent van het aantal Tweede Kamerleden. Als daar een grotere partij tegenoverstaat met bijvoorbeeld 45 zetels kan deze conform de democratische beginselen het voortouw nemen om een regering te vormen. Maar wat als een coalitie moet gaan bestaan uit 5 partijen, die mogelijk ook nog eens met gedoogsteun pas aan 76 zetels komen en die elk voor zich niet verder komen dan ten hoogste 20 zetels en de meeste zelfs niet verder dan 15, wat dan?

Dat quintet telt dan mogelijk onder zijn kiezers een aantal mensen, die als ze dit hadden geweten op die PVV zouden hebben gestemd. Bijvoorbeeld zij die absoluut als PvdA-er niet met de VVD in zee willen gaan. Of omgekeerd verstokte VVD-ers die weer een samengang met de PVDA of met de SP helemaal niet ambiëren. Of SP-ers die licht onpasselijk worden van D'66-politici.

 

Die coalitiedeelnemers worden niet van tevoren al aangegeven in het partijprogramma en dus kan op dat punt niet worden gekozen. De kabinetsformatie gaat dan van start onder het gesternte ‘in ieder geval niet met de grootste partij’ en ‘voor de rest moet u, kiezer, maar afwachten.’ Dat nu op zijn beurt klinkt toch niet echt democratisch.

Het komt erop neer dat op voorhand bij ontstentenis van een tweepartijenstelsel noodgedwongen een coalitie moet worden aanvaard door alle kiezers, maar dat deze kiezers vooraf niet weten welk elftal daaruit komt. En dus ook niet welke partijprogrammapunten van de een worden uitgeruild tegen die van de ander. We lezen in die programma’s nu wel wat een partij als beleid voor ogen staat als zij het voor het zeggen hadden, maar in onze Nederlandse praktijk krijgt niemand het voor het zeggen. Dus impliciet ook de kiezer niet. Het is een politieke bouillabaisse. We moeten maar afwachten welke soep er wordt opgediend. Daar wenden veel kiezers zich vanaf. Waarvoor u gekozen heeft, blijkt pas na afloop.

In restauranttermen krijgt u dus een veelzijdig en veelvoudig menu om te kiezen wat u wilt eten. U kiest en bestelt, maar wat u uiteindelijk op uw bord krijgt, is zo goed als zeker niet wat u koos of bestelde.

In het eetleven zou u een dergelijk restaurant geen tweede keer bezoeken: je krijgt nooit wat je bestelt. Maar in onze democratie is dit menu dus geen mijnu, maar een zijnu.

 

Tot slot nog dit. Als het gaat om echt grote vraagstukken als onderwijs, of zorg, euthanasie, eu-juk of vrijheid van godsdienst (dat wil zeggen vrijheid om niet overal godsdienst tegen het lijf te lopen als basis voor de samenleving) mag u niet verwachten doorslaggevende debatuitkomsten tegen te komen als wet of regelgeving. De slotconclusie is, dat in een democratie als de onze echte veranderingen moeizaam en stap voor stap de toekomst tegemoet treden. Als we dan met z’n allen beweren dat de veranderingen zo snel gaan en sommige zaken om een noodzakelijk vlotte oplossing vragen, dan moeten we constateren dat we in Nederland altijd een beetje achterlopen. Revolutionair zijn we niet. Statisch conservatief ook niet. We moeten dus maar mikken op de goede tweede, die altijd eerst onvermijdelijk de kat uit de boom kijkt. Niet als beleid, maar als onoverkomellijk gevolg van coalitie, van een meermansrelatie.

Niet omdat we die wijsheid tot de onze hebben gemaakt, maar omdat we Nederlands zijn: voorzichtig aan dan breekt het lijntje niet. Dat klinkt zo slecht nog niet, maar van een krachtige democratische stemuitslag die aangeeft waar het grootste deel van de volksmening naartoe wil, is geen sprake. Wel wat uitsluiting aangaat, maar voor de rest is het een onontwarbare allemanszaak. Zo kan het establishment in Den Haag met handjeklap aan de macht blijven. Ondertussen zijn we natuurlijk zo onmachtig als een natte dweil in de EU: klein, verdeeld en kampioen kruideniersbeleid. Van dit laatste en hoe het ook had gekund bericht ik u as. vrijdag: hoe Nederland 1000 miljard euro misliep.

Interessante artikelen

Branding, identity, story telling, aantrekkelijk geëtaleerde workshops rollen van de lopende band in ons vak. Door de crisis belanden bedrijven aan de rand van de afgrond. Redden zij het door aan deze


Wat hebben Rusland, Saoedi-Arabië, Nigeria en Koeweit gemeen? Zij huren Amerikaanse pr-bureaus in. Ik zal kort aangeven wat mij hieraan bevreemdt. Eerst moet ik journalist Camil Driessen recht doen. I