Warnercommunicatie

"Non nobis tantum nati"

Als Nederland maar werk oplevert voor 5 miljoen mensen ( omgerekend naar werkweken van 40 uur) en ons land heeft 10 miljoen potentiële werkzoekenden of werkwilligen, wat laten we die ledige 5 miljoen mensen dan doen? Hoe ziet een samenleving eruit, waarin werk behalve rusten en slapen niet langer de voornaamste tijdpassage vormt?

Kortgeleden betoogde een chirurge van het Academisch Ziekenhuis te Amsterdam tijdens een bijeenkomst over serious gaming in Forum Images in Groningen, dat onze vormen van onderwijs en opleiding onvoldoende aansloten bij de student van deze tijd. We moesten niet denken, dat studenten gewillig het school- en lesformat aanvaarden. Dat is oud-hiërarchisch denken. Nee, willen we hen letterlijk bij de les houden, dan zal de lesgever zich moeten aanpassen. De jeugd heeft niet alleen de toekomst, maar bepaalt deze ook onderweg naar volwassenschap. Het bottom down-model sr-jr is deels omgeslagen naar bottom-up je naar sr.

In haar situatie gold het, dat zij met toepassing van serious gaming de studenten Chirurgie poogde te interesseren voor het saaie anatomische snijwerk in de oefenpraktijk. Om haar betoog kracht bij te zetten en met argumenten te onderbouwen hield zij de zaal voor, dat de moderne student op dit punt van studie aanbeland 10.000 uren aan mobiel telefoonverkeer heeft besteed,  eveneens 10.000 uren aan email, 20.000 uren aan televisie en 10.000 uren aan gaming. En…daar kwam-ie… slechts 5.000 uren aan lezen.

Bij uw schrijver dezes, een hartstochtelijk bibliofiel, sloeg de schrik om het hart, maar het brein mompelde tegen de emotie in: “eigenlijk vermoedde ik het al.” Bedenk, dat als de student op deze fase van de opleiding, zeg, 24 jaar is, dan heeft hij of zij 210.240 uren geleefd. Al die elektronica-uren in de jeugd komen uit op 50.000. Zo’n student heeft dus een kwart van zijn leven doorgebracht met elektronische media. Dat is zijn wereld. Dat is zijn informatiepatroon. Zo wil hij geïnformeerd worden, zelfs bij het oefenen op een korps. Geen beschrijvende boeken, 2-dimensionale plaatjes of doorsnedes van lichamen. Niets van dit al, virtual  realtime 3D, dat houdt zijn spanningsboog overeind.

Terug naar heel Nederland. 17 miljoen inwoners. Ongeveer 10 miljoen werkenden, maar een fiks deel hiervan betreft deeltijdarbeid. Deze mensen hebben dus behoorlijk tijd over voor iets anders of vervullen een ouderlijke taak, maar zullen doorgaans geen kostwinner zijn of kunnen worden op basis van 12, 15 of 20 uur werk.

Omgerekend hebben we derhalve ongeveer 5 miljoen 40-uursfte’s nodig en we weten dat die lang niet altijd doelmatig werken. Het kan dus met minder. Vandaar mijn vraag: wat gaan we met die ruim vijf miljoen mensen doen die we niet voor arbeid nodig hebben of zij met zichzelf?

Is de enorme populariteit van mobiele telefoons, van nietszeggend tv-vertier, van facebook en twitter deels te verklaren uit dat overschot aan ledigheid? Werk lijkt een plichtmatige tijdsbesteding, maar de werkelijkheid is, dat werk naast een inspanning om aan inkomen te geraken (alle werk is een variatie op de jacht van onze voorouders) ook psychische tevredenheid verschaft, disciplineert tot actief zijn en sociaal verkeer mogelijk maakt. Werkloosheid doet verslappen, maakt indolent en wekt gevoelens van zinloosheid op.

Dus nogmaals; als alle werk in Nederland kan worden gedaan door 5 miljoen mensen, waarmee houden die andere 5 miljoen in beginsel werkgeschikten zich dan onledig. Dus naast inkomenspolitiek, welvaart en zinvol en doelmatig werk zouden politici het hoofd moeten buigen over de groeiende populatie van hangouderen. In termen van doelen, strategie en communicatie: wat kunnen we met 40 miljoen lege uren per dag? Over de duur van het werkzame leven (even ouderwets gesteld op 40 jaar, namelijk van 25 tot en met 65 jaar) gaat het dan om 320 miljard uren. Delen we dit getal door het aantal uren per jaar (8760), dan krijgen we het aantal jaren dat in deze hanggroep verloren gaat: 36.530.000 jaren.

Voor alle duidelijkheid: ik heb die 5 miljoen niet-werkenden omgerekend naar 36,5 miljoen ledige jaren, waarbij ik uitging van 8 uur per dag (hun 8 uur slapen is er dan al af en ook 8 uur voor alledaagse bezigheden, zoals dit ook geldt voor werkenden). Verder reken ik met 200 werkdagen per jaar, want ook de niet-werkenden hebben recht op weekdagen en feestdagen en vakantiedagen. Schrijven we de gepensioneerden niet af als geraniumkijkers, dan komen er tussen 65 en 80 jaar nog zo’n 12 miljoen jaren bij.

Als er zoveel mensen niets te doen hebben of niets doen in arbeidstermen gesproken (ik acht uiteraard vrouwen die opvoeden en kinderen verzorgen wel degelijk  hard werkend, maar niet in de inkomenssfeer),waarom zijn er dan nog zoveel zaken verveloos, zijn de straten vuil, zijn niet alle rivierdijken 100 procent, zijn er rondslingerende fietsen, te weinig oppasouderen enz enz enz?  Ho, wacht even! Dit werk is er wel, maar dan moeten deze mensen worden betaald en dit geld is er niet. Dat nu is in mijn ogen een zeer krom tegenargument. Werk verschaft inkomen. Geld om een huis te kunnen huren en bewonen, te eten, jezelf te kunnen kleden en zo nog wat. Die 5 miljoen mensen wonen al ergens, niet riant, maar ze zitten niet te koukleumen op de Tweede Maasvlakte, ze sterven niet van de honger en lopen niet naakt rond. Het geld voor deze basale behoeftes (nogmaals niet overdadig of luxueus) is er ergens dus wel.

Het argument, dat het beschikbare werk niet past bij het beschikbare arbeidspotentieel, slaat ook grotendeels nergens op. De zaken, die ik boven noemde, vergen geen ingenieurs- of doktersdiploma’s. Uiteraard kan dit worden gezien als een politiek statement, maar daar gaat het mij nog niet eens om.

Wat mij vooral ook prikkelt, is het feit, dat zoveel tijd in zinledigheid wordt doorgebracht. Welk een ongelooflijk potentieel lijkt er verloren te gaan. Natuurlijk is er een herverdeling mogelijk: alle mannen en vrouwen delen het betaalde werk en maken weken van 20 uur. Maar dat is een verschuiving en verlaagt die enorme hoeveelheid ‘vrije’ tijd niet. Aannemende dat die 5 miljoen Nederlanders niet de dag doorbrengen in contemplatie als amateur-Boeddhisten op zoek naar het nirwana, is de conclusie, dat zij hun uren vullen met informatie (kijken, luisteren) en communicatie (informatie delen). Maar voor het overgrote deel als tijdverdrijf weliswaar met met de nodige vermaaksingrediënten, maar niet met een zingevend doel anders dan dit tijdverdrijf. Het is een povere kant en invulling van de informatiemaatschappij en van een mensenleven op zich en we zouden ons moeten afvragen of we met dit enorme potentieel aan tijd en menselijke vermogens niet meer kunnen doen dan ons tot vervelens toe en uit verveling te informeren. Om kort te gaan: wat kunnen we met informatie en communicatie meer dan tijd vullen?

Interessante artikelen

Alsof de tijden nog niet spannend genoeg zijn houden we elkaar ook nog onledig met rampspoed-datum van 21-12-2012. Voor zover dit in mijn vermogen ligt, wil ik u geruststellen, omdat de kerst u als ee


In 2010 stond er een fiks interview in M&L, het platform voor managers en professionals,  met Henry Mintzberg, de Canadese hoogleraar, die als geen ander, zijn werk heeft gewijd aan management en stra