Warnercommunicatie

"Non nobis tantum nati"

Anthropocentrisme hoeft ons niet te verwonderen. Veel van de jongste eigenschappen en bevindingen in de natuur bestaan pas met de komst van de mens. We nemen onszelf als uitgangspunt en maatstaf. Het humanisme is een jonge tak aan de miljardenjaren oude kosmische boom.

Afgelopen week zag ik een documentaire op tv waarin leeuwen de hoofdrol speelden. Het was niet mijn eerste kennismaking met de koning van het dierenrijk, maar wel de meest indrukwekkende. De makers volgden een mannetjesgroep van 5 van hun geboortetijd tot aan hun ondergang. Toen de ‘bende van vijf’ volwassen geworden op zoek gingen naar een eigen machtsdomein, verdreven en doodden zij andere mannetjesleeuwen, doodden ook de in die groepen geboren welpen en namen de leeuwinnen tot nieuwe draagmoeders van hun nazaten. Tot zover niets nieuws. Ook bij andere diersoorten komt dit mijn-zaad-eerst-gedrag voor. Het is even natuurlijk als wreed. Misschien moet ik schrijven het is wreed omdat het natuurlijk is.

 

Wat ik niet eerder vernam en zag, was dat, wanneer de latere overwinnaars hun tegenstanderleeuw overwonnen, zijn dit deden door 1) doorgaans met een meerderheid aan te vallen, 2) waarbij de ene leeuw poogde nek of ruggengraat te breken en daar komt-ie 3) een andere leeuw de genitaliën van het slachtoffer afbeet. Wat in de natuur bracht het proces tot die laatste daad? Valt dit ook onder adaptionistische evolutie. Oftewel het is een daad die valt onder het hoofdproces van aanpassing als vorm tot overleven. De tegenstander doden is één ding, zijn ballen afbijten voorkomt in ieder geval, mocht de overwonnene ontsnappen, verdere voortplanting van diens zijde. Wreed en effectief.

Ik bedacht mij voor de zoveelste keer, dat we in de mensenmaatschappij niet anders doen. De overwinnaar in de oorlog doodt bij voorkeur zoveel mogelijk mannelijke tegenstanders, vaak ook mannelijke kinderen, daarmee de eerstkomende generatie tegenstanders eliminerend, en verkracht de vrouwen van tegenstanders, opdat deze hun zaad tot vrucht brengen. Ik zie geen wezenlijke verschillen met het leeuwengedrag. Wat mensen voor hebben (?) op dieren is dat zij niet altijd alle mannen doden of verjagen, maar ook gevangen nemen en ze als slaafse arbeidskrachten inzetten. Dit kent de dierlijke natuur niet of zeer zeldzaam.

Dit dierengedrag is al tientallen miljoenen jaren oud. Noem het ingesleten gedrag. Mensen lopen er pas een paar miljoen jaar rond en de moderne mens en zijn reflectieve denken dat wedijvert met zijn natuurlijke instincten pas 10.000 jaar of daaromtrent. Humanistisch denken kent een nog kortere geschiedenis. Die verhoudingen in de tijdsduur van humanisme en naturalisme maken dat die wrede natuur nog overweldigend aanwezig is. Succes slijt traag.

Humanisme staat in de kinderschoenen.

 

De vraag ‘waarom dit natuurproces zo wreed is’ is een vraag die pas opgeld doet met de verschijning en vooral ontwikkeling van de mens. Het woord wreed in die vraag is een kwalificatie vanuit het antropocentrische perspectief. De natuur kent geen begrip wreedheid. Zij kent geen enkel begrip. De natuur kent ook geen doelen, alleen uitkomsten of resultaten. Het Darwinisme heeft natuurlijke selectie als alles bepalend proces. Wie of wat zich het beste aanpast overleeft. Het is menselijke logica. Wat niet meer bestaat en uitstierf heeft zich klaarblijkelijk niet goed genoeg of tijdig weten aan te passen aan het geheel van omstandigheden. Het proces zelf is niet logisch. De natuur kent geen logica –niet als vooropgestelde bedoeling- of we moeten spreken van een impliciete logica. De natuur komt tot een complexiteit, die wij onder andere tegenkomen als ons breinproces. Die hersenen analyseren dit proces en noemen de essentie ervan essentie en logisch. Hiermee kwalificeert de natuur zichzelf. Het heeft even geduurd, maar via de mens, is het dan nu zover: een anorganisch proces wordt organisch, ontwikkelt zoiets als instinct, waarvan intelligente reflectie weer het opvolgende stadium is.

Mensen herbergen nog alle drie stadia en helaas zien we dit primitieve voortplantingsstadium met zijn door ons benoemde wreedheid nog alle dagen om ons heen. Ik zou ook kunnen zeggen de verlichting heeft nog een lange weg te gaan.

Taal is een bij uitstek menselijk vermogen om tot uitwisseling van informatie te komen, waar de kosmos (de grootste natuur) vooral nog anorganische uitwisselingen toepast. De wet van behoud van energie is zo’n informatietransportmiddel. Er komt niets bij, er gaat niets af. Energie gaat alleen voortdurend over in andere vormen, structuren, formaties. Bedenk in-formare betekent in structuur brengen, construeren en dus ook organiseren. Omgekeerd gezegd: structuur geeft informatie prijs en laat zich dus kennen. Op het complexiteitsniveau van flora en fauna zien we jongere uitwisselingsvormen van die energie-overdracht. Bijvoorbeeld door bestuiving, bevruchting, zadendistributie. Strikt genomen liggen hier anorganische en organische processen aan ten grondslag. Het is een vorm van stofwisseling op kosmische grootte. Anorganisch is de scheikundige uitwisseling, de rol van wind en water en van temperatuur(sverschillen). Organisch is bijvoorbeeld de rol van insecten en de paring.

Taal is een fantastische opvolger. Via de uitwisseling van klanken en in teken- en tekstsymbolen uitgedrukte en omgezette klanken ontstaat een transitieproces dat op zich beschouwt nog steeds natuurlijk of zelfs natuurkundig is, maar van een hogere vorm. Waar taal ook een weerslag is van denken geeft het een voor de mens ongekende mogelijkheid om instrumenteel uitdrukking te geven aan ons denken en daarmee een uitwisseling tot stand te brengen, die niet alleen vergemeenschappelijking inhoudt, maar tevens een reflectie op het eigen proces. Anorganisch is de oeroude wisseling op basis van energie. Elektromagnetische golven ontstaan en interfereren. Organische aspecten zijn de vormen van gedachten als waren het zaden die door uitwisseling, verstuiving en distributie worden bevrucht of tot vrucht komen. En helaas valt nog steeds veel van die ‘zadengedachten’ op barre grond. Maar de combinatie van basisenergie en organisch gestuurde gedachtewisseling leidt tot resultaten, die de flora- en faunabevruchting overstijgen. Het is het derde stadium in de communicatie (uitwisseling van informatie) die de kosmos, voor zover wij weten, in de mensheid naar voren ziet komen. Bij wederzijdse gedachtenparing (denkuitwisseling) ontstaat niet telkens dezelfde bloem of worm, al of niet met een kleine vaak niet bedoelde mutatie, maar kunnen per keer geheel nieuwe soorten ontstaan.

Communicatie is hiermee voor mij de hoogste vorm van informatie, van deling en van voortplanting, ook al gaat dit gepaard met nog evenzovele primitieve uitkomsten en wreedheden, omdat we nog maar net zijn begonnen met deze wonderbaarlijke contactvorm en diep in onszelf nog vastzitten aan die taaie oerwortels. Communicatie behoort tot het derde complexiteitsniveau na anorganische en organische verbindingen. Dit stadium verenigt de eerste tweede en ontvouwt een derde opbouwfase. Ik ben geneigd dit niet aan te duiden met pro-, post- of meta- voorzetsels. Dat zijn woorden die volgordelijkheid aangeven. Wie de tijd als referentiekader neemt, kan het het post-organische stadium noemen. Het fenomeen is evenwel een fase in de ontwikkeling, daarmee tijdgebonden, maar zeker ook van een nieuw structuur- of organisatieniveau. Kenmerk is reflectief denken. Na anorganisch en organisch komt het reflectionisme met taal als overdrachtsmiddel en weergavespiegel. Er staat communicatie nog een boeiende, ultramoderne toekomst te wachten.

Interessante artikelen

Tegen de hijgerige, tijdgebonden formats van tv-interviews en nieuws in vechten de kranten terug met meer duiding, uitleg en verdiepende beschouwing. Ook kranten en sommige journalistieke tijdschrifte


Er zijn kinderen die denken dat een antilope iemand is die altijd de auto neemt. Alle gekheid op een stokje de afstand tussen mensen en natuur groeit. Uitstervende dierensoorten zijn een tekenend voor


De ziel is stuurbare energie. Een mens beschikt tijdens zijn bestaan over een kleine portie energie die zichzelf tijdelijk kan besturen. Het is een bijzondere vorm van energie, die wij leven noemen. S