Warnercommunicatie

"Non nobis tantum nati"

Voetbalinterviews kunnen we afdoen als entertainment. Helaas, waren ze dit nog maar een beetje. De inhoud is echter dikwijls zo zouteloos dat je er nog geen suikerkorrel mee kunt bestrooien.

Ik geef onderstaand wat voorbeelden, hiertoe opgewekt door het gebazel over het falen van Nederlands elftaltrainer Blind en zijn 13 leeuwen.

Maar eerst die wedstrijd tegen Bulgarije zelf. Dat moeten we gemakkelijk kunnen winnen, zeiden alle experts. Die meningen kunnen dus en bloc zo de prullenmand van Ondeskundigheid in. Nooit gehoord van deze geniale uitspraken van dik betaalde trainers als de resultaten uitbleven: “Een balletje kan raar rollen.”’ “Als het niet loopt, dan loopt het niet.” “We hadden blijkbaar onze dag niet.”

Nee, dat zagen de kijkers ook wel. Tikkie breed, tikkie terug, tikkie breed, tikkie ja waar naar toe?

Een 17-jarige onervaren jongeling opstellen in een wedstrijd waarin veel op het spel stond? Had Blind hem niet eerst kunnen laten spelen in de verder zinloze oefenwedstrijd tegen Italië van vanavond. Bovendien moet je niet juist oefenen voor de echte wedstrijd?

Ik hoor het de concertgebouworkestdirigent al zeggen: “Vanavond spelen wij één van de belangrijkste concerten van de komende tijd en over vier dagen hebben we generale repetitie.”

Het zou allemaal niet zo erg zijn, als die voetballers en trainers anderhalf maal modaal zouden verdienen. Maar van superprofs en godenzonen mogen we meer verwachten dan deze vertoning. Profs die miljoenen verdienen moeten ook op miljonairsniveau voetballen. Dat het een keer niet lukt, daarvoor is het spel, waarbij ook nog eens de tegenstander een verstorende rol kan spelen. Maar dan zie ik graag de spelers op hun knieën het veld afkruipen, omdat zij zo moe zijn als een meute jachthonden die de haas alsmaar niet vingen.

Geen speler die direct na afloop geïnterviewd opmerkte dat we voortaan beter op een overdwars liggend veld konden spelen gezien het speelpatroon. En dat het maar goed was, dat zij zich van tevoren hadden voorgesteld aan de Bulgaarse doelman. Of dat zij toe zijn aan nieuwe tomtoms die wel naar het strafschopgebied van de tegenstanders kunnen helpen navigeren. Of nog mooier, dat deze gefixte onverwachte uitslag toch maar mooi bij de bookmakers kapitalen had opgeleverd. Nee, in plaats daarvan hoorden we: “We waren geen team. Ik kan het in mijn eentje ook niet. We liepen rond als duikers, alsof we lood in onze schoenen hadden. Tegen die Bulgaarse jachthonden waren wij als angsthazen.” Die laatste twee zinnen zijn van mij. Dan maar Cruyff, die zou hebben opgemerkt, “als je niet naar voren voetbalt, sta je of stil of kijk je de verkeerde kant op.”

Ik zal u tot slot vier uitspraken geven, die opgeld doen bij verlies.

  1. We wilden aftastend beginnen en het eerste kwartier even de kat uit de boom kijken, maar ja, maakt die tegenstander een lucky goal binnen vijf minuten. Dan sta je natuurlijk heel anders in zo’n wedstrijd.
  2. We mikten op 0-0 met de rust om dan in de tweede helft vol gas te geven. Verdorie, schopt die tegenstander er vlak voor de rust eentje in. Dan kom je natuurlijk heel anders uit de theepauze en die tegenstander ging voor de goal liggen.
  3. Gezien onze betere conditie gingen we voor het laatste half uur. Pure pech, dat de tegenstander binnen tien minuten na de thee 1-0 scoorde. Zie daar maar eens overheen te komen in de resterende tijd.
  4. We hielden stand en telden de 0-0 al en hadden ook nog wel een of twee doelrijpe kansen. Krijgen we drie minuten voor tijd een ongelukkige penalty tegen. Dat konden we niet meer goed maken.

Als het om interviews gaat, kunnen u en ik zo coach worden. Als het om geld gaat, verwacht ik dat deze spelers die doordeweeks al zo buitensporig veel verdienen dit in het nationale elftal voor de eer doen om vervolgens de inkomsten aan giro 555 te geven. Aan een goed doel dus. Weten ze in ieder geval wat een doel is.

Interessante artikelen

Ben ik voor of tegen de EU? Ik ben voor als het gaat om afspraken, die voorkomen dat men slaags raakt. In die bedoeling toont de EU al 75 jaar dat het ideaal van de ‘oprichters’ succesvol is. Als hier


De kern van mijn betoog in de reeks Via Victoria over strategie is mijn pleidooi deze term niet te lichtvaardig te gebruiken. Niet in het algemeen en zeker niet als het om communicatie gaat. Na een ko


Gisteren (16 nov) ontspon zich tijdens een bijeenkomst van communicatiedeskundigen een interessant debat, aangezwengeld door de gastvrouw. Het vertrekpunt vormde de vraag: als het zo is, dat er een be