Warnercommunicatie

"Non nobis tantum nati"

151 denkers over de invloed van Internet. Drie artikelen in drie achtereenvolgende weken op deze kennissite met een inkijk in het fenomeen van de grootste kennis-  en netwerkrevolutie sinds de boekdrukkunst. Een must voor communicatoren.Eerst een algemene statistiek van de 151 aangeschreven deskundigen, dan hun gedetailleerde meningen en tot slot een samenvatting en eigen visie van uw siteredacteur.  Komt dit lezen!

Deze serie van artikelen is gebaseerd op de uitgave van Edge. Uit het voorwoord van coördinerend redacteur en wetenschapsjournalist John Brockman: Edge, een voortzetting van de Reality Club, presenteert speculatief wetenschappelijke ideeën over nauwelijks verkende wetenschapsterreinen als evolutiebiologie, genetica, computerwetenschappen, neurofysiologie en natuurkunde. Edge verschijnt jaarlijks. De vraag van dit jaar (2010) is ‘’Hoe verandert Internet je manier van denken?”

De door Egde bevraagde personen vormen een brede, wetenschappelijk geschakeerde groep:

  • 22 psychologen
  • 17 (wetenschaps)journalisten en redacteuren
  • 16 natuurkundigen
  • 14 neurowetenschappers
  • 14 kunstenaars (divers)
  • 10 computer(wereld) deskundigen
  • 6 mediaspecialisten
  • 4 biologen van wie 3 evolutiebiologen
  • 4 cognitie wetenschappers
  • 4 architecten
  • 4 filosofen
  • 4 bedrijfsmanagers
  • 3 auteurs
  • 3 archeologen/paleontoloog

En verder enkelvoudige representanten van scheikunde, geschiedenis, robotica, kosmologie, wiskunde, geografie,genetica, economie, antropologie en  nog wat disciplines. Kortom een scala aan specialisten. Onder alle reactanten bevinden zich 27 hoogleraren. Slechts één (!) communicatiedeskundige.

Allereerst geef ik een telling van positieve en negatieve reacties. 77 deelnemers, dus zeg maar de helft is positief over de invloed en eigenschappen van Internet. Hier en daar wordt ook wel een lichte twijfel geuit, maar hun positivisme is doorslaggevend. 9 bevraagden zijn positief, maar wel met duidelijke kanttekeningen. 42  weten het zo net nog niet. Zij zien positieve zowel als negatieve kanten of nemen vooralsnog een neutraal standpunt in. 11 zijn overwegend negatief of ronduit van twijfels voorzien. En 12 zijn negatief gestemd, maar niet overtuigend, dus met een vraagteken dat ruimte laat voor een positieve uitkomst op de duur.

Wat zijn nu de meest geopperde meningen en eigenschappen over en van Internet?  De meeste punten zullen ons niet vreemd in de oren klinken en behoren tot bevindingen die wij, communicatoren, zelf ook constateerden. Ze bevestigen de heersende opinie en inzichten.

Ten eerste geldt, dat niemand oppert dat Internet een bevlieging is, een technologisch cultureel speeltje, waarvan het gebruik wel weer overwaait. Integendeel, nog al wat respondenten vergelijken Internet met de uitvinding van het schrift en de boekdrukkunst.  De overgrote meerderheid beantwoordt de Edge-vraag zelf negatief. Internet verandert niet onze manier van denken, zover zien ze de werking niet gaan.  Wel heeft Internet sterke invloed op hoe we tot kennis komen en waarover we denken. Een aantal specialisten, met name onder de neurowetenschappers, voorziet dat er invloed is op onze denkinfrastructuur, in die zin dat patronen binnen onze neurologische infrastructuur anders komen te liggen, met mogelijkerwijze na lange tijd fysieke veranderingen binnen onze hersenen. Maar een biologisch-fysieke revolutie wordt niet voorzien, daarvoor zijn de evolutionaire principes (zeer geleidelijke aanpassing) nog te sterk. je kunt ook zeggen: de invloed op onze genen, waarin het bestek voor de hersenwerking ligt besloten, door Ingternet is niet aantoonbaar dan wel al aan de orde. De invloed strekt zich derhalve uit over het ‘’externe” gebruiksdenkproces  en niet over het fundamentele denkproces zelf.

Een tweede punt betreft de voor de hand liggende opinies over eigenschappen: de snelheid van informatieverspreiding, de toegankelijkheid en beschikbaarheid en de actieradius als mondiaal netwerk. Een respondent stelde het zo: mijn bibliotheek reist altijd met mij mee. De beschikbaarheid slaat niet alleen op het 24-uursgebruik, maar ook op de aanwezigheid en het gebruiksgemak  op de meest exotische plekken. Internet maakt de informatiemogelijkheden plaats ongebonden. het is er altijd en overal. Het is voor het eerst dat een informatiesysteem voor gewone gebruikers in alledaagse sfeer zover reikt.

Een derde serie opmerkingen toont plus- en minkanten. Men waarschuwt voor verslaving. Internet maakt ook democratisch. Iedereen heeft een stem die wereldwijd kan worden gehoord, daarmee is ook iedereen een expert (al vindt hij meestentijds vooral  alleen zelf) en heeft een megafoon. Daarin schuilt ook betrekkelijkheid, want van oppervlakkigheid  is vaak sprake en als iedereen op de wereldmarkt gaat schreeuwen, belanden we in een enorme kakofonie. Het feit, dat men in een wijde actieradius met gelijkgestemden informatie kan uitwisselen en daarmee zijn kennis kan toetsen en aanscherpen door een dialoog met andere kennisdragers, is een enorme winst, maar heeft ook een negatieve kant, want terroristen vinden elkaar ook gemakkelijker en evenzo individuen met abjecte ideeën. Dit wordt overigens doorgaans gezien als een bezwaar dat op de koop toe moet worden genomen, omdat de positieve gebruiksmogelijkheden overheersen.  Wat verder naar voren  komt, is dat diverse wetenschappers wijzen op de externalisering van het geheugen. Enerzijds is dit een gemak; alle informatie en dus veel meer dan een mens in zijn hoofd kan hebben, is beschikbaar. Anderzijds verzwakt ons geheugen en sommigen vinden ook ons historisch besef, want realtime is de leus en wat kan ik vandaag met de informatie van vandaag doen. Dichtbij die geheugenverplaatsing liggen opmerkingen, die neerkomen op de verschraling van reflectie. De veelheid, de dagelijksheid, de snelle opeenvolging van nieuwe informatie doen  de tijd en behoefte aan bezinning afnemen en dit ligt in het schaduwkant van het gebruik. Reflectie vergt, zo merkt men op, tijd, soms afzondering en dit geldt ook voor creativiteit. Internet maakt lui en doet instantaan reageren.

Als vierde,  niet  verrassende algemeen gedeelde, eigenschap geldt de overdaad aan informatie. Sommigen zien dit als vervuiling en opeenhoping van rommel. Anderen achten dit betrekkelijk van invloed. Internet biedt, zo stellen de laatsten, de mogelijkheid om snel naar feiten en meningen te gaan, die juist het gevolg zijn van elkaars voortdurende bejegening, waardoor er een zuiverende werking optreedt. Onzin wordt snel afgestraft binnen de Internet-gemeenschap. Leugens worden instant aan de kaak gesteld.

Al met al zijn de meningen overwegend positief, maar ook behoorlijk verdeeld over de uiteindelijke uitkomsten.  De achterliggende vraag is?: wint het positieve gebruik het van de negatieve kanten en zullen mensen de tijd en ruimte, die vrijkomen,  doordat we niet alles hoeven op te zoeken in boeken en bibliotheken en in ons eigen geheugen op te slaan, besteden aan verbeterend denken, waarvan de uitkomsten  dan snel en makkelijk met de wereldgemeenschap kunnen worden gedeeld.

In het tweede artikel (een week na nu) ga ik in op een aantal specifieke, intrigerende opmerkingen en zienswijzen.

In het derde artikel (een week daarna) saldeer ik alle voors en tegens en zet er mijn eigen ideeën en gedachten tegenaan. Uiteraard vooral vanuit het perspectief van communicatie.

Interessante artikelen

Gnoti seauton was de leus van het orakel in Delphi. Maar het is op zijn tijd ook zinvol om te denken en handelen volgens de leus ‘Ken die ander’.

Ruim anderhalf jaar geleden fulmineerde ik tegen de u


De Europese Unie wordt als proces tot vereniging van Europa wel verdedigd met het argument, dat dit oorlogen moet voorkomen. Dat is ook mijns inziens het beste argument om te pogen die eenheid te vorm


Brown is behalve een makkelijk leesbare schrijver en een goede plotbedenker vooral ook slim. Zijn onderwerpen richten zich op mysteries en feiten, die weliswaar geromantiseerd of gedramatiseerd groten