Warnercommunicatie

"Non nobis tantum nati"

De evolutieleer maakt duidelijk, dat wie zich niet tijdig aanpast, ten onder gaat. Niet de sterkste overleven: de sauriërs! Niet per se de slimste overleven wel: kakkerlakken! Maar hetgeen door alle miljarden heen zeker overleeft is wat of wie de fit vindt met de omgeving. Mensen zijn gemiddeld sterk en verreweg het slimst, maar bezitten we ook het beste aanpassingsvermogen? Zal onze dominantie ook beheersing van onszelf inhouden?

Bij welke discipline hoort deze vragen thuis? Elke kennissector kan er zijn eigen wetenschap op los laten. Als de wereldgemeenschap wordt gezien als één grote organisatie, zou de vraag conventioneel geredeneerd primair bij de leiding liggen. Maar die eenheid is er niet en die leiding evenmin. In dit opzicht staat de mensheid er precies hetzelfde voor als de dieren- en plantenwereld. Dus kunnen alle disciplinehouders vrij hun gang gaan en hun visie en advies neerleggen bij de niet bestaande top. In casu dus bij de totale organisatie ofwel wereldgemeenschap zelf. En dan maar zien of zich daarbinnen een leidende stroming ontwikkelt. Communicatoren kunnen derhalve evengoed meedenken en adviseren als andere deskundigen. Want anders dan de flora- en de faunaleden kunnen mensen er wel met elkaar over van gedachten wisselen en tot een gezamenlijk inzicht komen. Tevens kunnen communicatoren zich een oordeel vormen over de kwaliteit van dat communicatieproces, de resultaatgerichtheid en de aanwezigheid van doelen en strategieën. Communicatiedeskundigen staan er dubbel in.

Vanuit het perspectief dat leven gedefinieerd kan worden als een toenemende complexiteit c.q. organisatie en dat organisatie afhangt van goed werkende structuren, die op hun beurt gebaseerd zijn op de uitwisseling van informatie, kan een attitude van interesse bij communicatoren in algemene zin worden verondersteld. In dit artikel loop ik die organisatorische geschiedenis langs met de mogelijkheid, dat deze zicht biedt op een richting naar antwoorden. De hoofdstappen staan in het bijgaande schema aangegeven.

 Met de oerknal, de thans meest aangehangen, wetenschappelijke genesisversie, begon de kosmos. Vanuit het geboorteplasma ontwikkelde zich na afkoeling de eerste concrete substantie in de vorm van eenvoudige atomen en steeds ingewikkelder elementen. Deze klonterden verder samen tot moleculen. Complexere structuren mondden uit in de eerste levensvormen, die voor zover we weten in de menselijke hersenen uitgroeiden tot het hoogste orgaan met kennisvermogen. Geheugen, reflectie en het vermogen tot de vastlegging van kennis in symbolen maakten het mogelijk het spoor terug te volgen en o.a. via schei- en natuurkunde, astronomie en kosmologie zicht te krijgen op zowel het allerkleinste als het allergrootste. Inmiddels worden ook de nanostructuren in de biologie ontleed. Het DNA wordt in beeld gebracht. In deze eeuw zal de werking van ons brein en het geestesproduct hiervan onderwerp van één van de voornaamste, wetenschappelijke speurtochten uitmaken. De verdere kennis op dit terrein zal ons verder leiden naar een fusie tussen stof en geest en de Cartesiaanse dualiteit definitief teniet doen. In de onderste helft van het schema is die kosmische weg van miljarden jaren weergegeven in drie fases: het ontstaan van het heelal, vervolgens van het leven en daarna de kennis. Door die kennis kunnen mensen hun omgeving meer beïnvloeden dan welk plantaardig- of dierlijk wezen ook. Omdat de menselijke geest ook vooruit kan denken, zetten we die invloed in om doelen te bereiken, waartoe we de omstandigheden sturen en naar de hand zetten. Leidt dit naar een derde fase van volslagen dominantie?

Het maakt mensen al wel sturend en dominant in de directe natuuromgeving. Diezelfde natuur kent evenwel grootheden en krachten die we nog lange na niet volledig of zelfs maar ten dele kunnen sturen. Deze dominantie heeft er  toe geleid, dat we ons sterker weten dan alle dieren en planten en dominant in de ‘kleine’ natuur, waardoor we ons bij gebrek aan natuurlijke vijanden anders dan virussen ongebreideld vermenigvuldigen en alles binnen ons bereik voor onze wensen en doelen aanwenden. Het is alsof wij ons niet aan de natuur aanpassen, maar juist die natuur aan onze regels en doelen onderhevig maken. Voor zover ons vermogen reikt uiteraard. Een omgekeerde evolutie, zo lijkt het. Met dien verstande dat die natuur zich niet aanpast, maar zich naakt en neutraal aanbiedt, zijnde wat zij is, maar altijd groter in krachten dan de mens machtig is. Natuurlijk is het geen echte evolutiestap. Wezenlijke veranderingen spelen zich over eonen af, niet generaties. Maar de groei naar mensen met hersenen van anderhalve kilo is op zich wel een langdurige proces dat evolutionaire trekken vertoond. Volledige beheersing, voor zover überhaupt mogelijk, ligt in een ver verschiet en vooralsnog heeft het er veel van weg, dat we eerst in lijn met de evolutie onszelf moeten leren beheersen, dus toch aanpassen, omdat we onze habitat uitputten en uitwonen. In de beschouwelijke Gaiasofie kwamen de eerste bedenkingen al naar voren over ons gedrag. De concrete confrontatie met milieuvervuiling en productiegrenzen leerde, dat we op korte termijn moesten ingrijpen om weer schone lucht te kunnen inademen. Het klimaatvraagstuk toont ons de spanning tussen de aardse natuur en de relatieve sterkte van onze sturingskracht op een veel grotere schaal. Als een klimaatverandering zich voltrekt door ons toedoen, dan kunnen we misschien het tij nog keren, net zoals we water en lucht weer schoner kregen en de uitputting van grondstoffen kunnen opvangen door een energietransitie te realiseren. Als de kosmische natuur zijn machtige krachten toont, rest slechts het aanpassingsprincipe en blijkt misschien  de ontwikkeling naar een wezen met een hoge technologische standaard achteraf die aanpassing te zijn, omdat we met onze kennis zulke natuurfenomenen hebben zien aankomen. Het proces van communicatie hierover maken we als communicatoren mee, kunnen we beoordelen en …..sturen? Ligt hierin een taak? Dan moeten we het er eerst zelf in eigen vakkring over hebben. Wordt het buigen of bedwingen?

 

Interessante artikelen

Een aantal bemerkingen.

  1. Met het referendum spraken de Grieken zich ruimschoots uit met NEE tegen de EU-eisen tot verdere, concrete bezuinigingen. Nu stemt het parlement in met Tsipras’ nieuwste voo

Verdronken aangespoeld lag het Syrische jongetje op de kustlijn. De beelden vlogen de wereld over. Men noemde het een iconisch beeld. Vergelijkbaar met het meisje dat naakt vluchtte voor de napalmbomb